Verbod op asbestdaken

Vanaf 2024 zijn asbestdaken in Nederland naar verwachting verboden. Het is de bedoeling dat het besluit waarin dit verbod is neergelegd op 1 juli 2017 in werking treedt. Dit betekent dat eigenaren van gebouwen met asbesthoudende dakbedekking deze voor 2024 moeten verwijderen. Hierbij maakt het niet uit of dit dak in bezit is van een particulier, een bedrijf of de overheid. Ook de toestand van het dak is niet relevant voor het verbod. Daken in heel slechte, verweerde toestand moeten al eerder verwijderd worden.

Met het verstrijken van de tijd raakt elk asbestdak op den duur verweerd. Een verweerd asbestdak levert een (dreigend) gevaar op voor de leefomgeving.

Het verbod op asbestdaken is een middel om de hoeveelheid asbest in de leefomgeving te verminderen. Verweerde asbestdaken leveren een bijdrage aan de gestage emissie van asbestvezels in het milieu. Dit komt omdat bijna alle asbestdaken in Nederland matig tot ernstig zijn verweerd. De leeftijd van deze daken is immers ook al minimaal 22 jaar. Echter de meeste asbestdaken zijn zelfs al veel ouder. Deze daken worden niet altijd vervangen omdat de functie van het dak door verwering niet direct wordt aangetast.

Het vrijkomen van asbestvezels is met het blote oog niet zichtbaar. Een verweerd asbestdak kan daardoor lange tijd het milieu vervuilen. Ook kan het een gevaar opleveren voor de gezondheid van mensen.

Huishoudens en bedrijven krijgen bijdrage voor sanering asbestdaken

Sinds 1 januari 2016 kunnen eigenaren van gebouwen die nog een dak met asbest hebben een subsidie aanvragen om deze te renoveren. De subsidieregeling is in het leven geroepen om sanering te versnellen. Deze regeling moet vooral de komende vier jaar de verwijdering van asbest aanjagen. In 2017 is hiervoor € 15.000.000,00 beschikbaar. Op 1 januari 2020 stopt de regeling. Voor de totale subsidieperiode is € 75.000.000,00 beschikbaar. Het meeste asbest ligt op bedrijfsgebouwen, waarvan ongeveer 75% in de agrarische sector. De subsidie geldt niet voor het door particulieren in eigen beheer slopen van maximaal 35 m² asbesthoudende dakbedekking van hun perceel. Is de oppervlakte van het dak groter dan komt dit wel voor subsidie in aanmerking, en moet het asbest ook door een gecertificeerd verwijderingsbedrijf worden verwijderd.

De Rijkssubsidie bedraagt € 4,50 per m² verwijderd asbestdak, met een maximum van € 25.000,00 per adres (= 5.555 m²).
Voor de rijksregeling geldt dus:

  • Het verwijderde asbestdak moet groter zijn dan 35 m²
  • Het asbestdak moet door een gecertificeerd verwijderingsbedrijf zijn verwijderd
  • De sanering moet na 1 januari 2016 hebben plaatsgevonden.
  • De verwijdering moet bij het landelijk asbestvolgsysteem zijn gemeld.

Particulieren en bedrijven kunnen een subsidieaanvraag doen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RvO). 

Ander asbestmateriaal dat in gebouwen kan zitten, zoals isolatiemateriaal dat onder de dakbedekking zit, wordt niet verboden. 

Spelregels rondom particuliere verwijdering 

In bepaalde gevallen mogen particulieren kleine oppervlakten asbestdak zelf verwijderen. Op basis van het Bouwbesluit gelden hier strikte voorwaarden voor. De asbestregelgeving is streng en moet het milieu beschermen. De regelgeving beschermt ook werknemers die dagelijks risicovolle werkzaamheden met asbest uitvoeren.

Het verwijderen van asbestdaken gebeurt bijna altijd door gecertificeerde asbestverwijderingsbedrijven. Dit moet volgens de wet. Een niet gecertificeerd bedrijf mag dit werk dus niet uitvoeren. Een gecertificeerd bedrijf zal altijd een asbestinventarisatie laten opstellen. Uit deze inventarisatie blijkt onder meer:

  • het soort asbest
  • de plaatsen waar het zit
  • conform welke risicoklasse de werkzaamheden uitgevoerd dienen te worden

De eigenaar van het dak (of voor hem het saneringsbedrijf) moet de asbestsanering van te voren melden bij de gemeente. Daarnaast moet een asbestverwijderingsbedrijf de sanering ook melden bij de ISZW en zijn certificerende instelling.

De hoofdregel is dus dat alleen een gecertificeerd bedrijf asbest mag verwijderen. Bepaalde strikt omschreven toepassingen mag een particulier zelf verwijderen. Ook dan moet u altijd minimaal 5 dagen van te voren melding doen bij de gemeente.

Voorwaarden

Bij de verwijdering van asbestdaken door een particulier gelden de voorwaarden hieronder. Wanneer een particulier niet aan al deze voorwaarden voldoet, moet hij een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf inschakelen.

  • Anders dan in de uitoefening van beroep of bedrijf:
    Dit betekent dat er sprake moet zijn van een particulier die het asbest verwijdert. De particulier mag dus geen hulp aan een aannemer of andere professional vragen. De particulier moet het zelf doen. Een agrariër is trouwens geen particulier voor zijn bedrijfsgebouwen. Alleen een gecertificeerd bedrijf mag asbest van bedrijfsgebouwen verwijderen.
  • In zijn geheel verwijderen:
    U mag een asbestplaat alleen in zijn geheel van het dak verwijderen. U mag asbestplaten niet breken of zagen omdat dit vezelemissie veroorzaakt. Deze vezelemissie veroorzaakt dan weer blootstelling aan asbest. Zaag of breek de asbestplaten dus niet, ook niet omdat ze dan makkelijker te verpakken zijn.
  • Geschroefde platen:
    De asbestplaten moeten met schroeven vastzitten aan de draagconstructie. Soms zijn asbestplaten bevestigd met spijkers, nieten of zelfs gelijmd. In die gevallen mag u de platen niet zelf verwijderen. Het risico op het vrijkomen van vezels is bij deze bevestigingsmethoden te groot.
  • Waarin de asbestvezels hechtgebonden zijn:
    Bij verweerde of kapotte asbestplaten zijn de asbestvezels niet meer hechtgebonden. Het risico op emissie van vezels bij het verwijderen is dan te groot. Een particulier mag daken waarin de vezels niet meer hechtgebonden zijn niet verwijderen. In deze gevallen mag alleen een gecertificeerd bedrijf de asbestplaten verwijderen. Een asbestinventarisatiebureau kan bepalen of vezels hechtgebonden zijn.
  • Niet zijnde dakleien:
    Een particulier mag dakleien niet zelf  verwijderen. Omdat dakleien aan de bovenkant vaak zijn vastgespijkerd is de kans op breuk te groot.
  • Uit een woning of uit een bijgebouw dat staat op het erf van die woning:
    Er moet sprake zijn van een particuliere woonfunctie. Ook bij een nevenfunctie, zoals een tuinhuisje, mag een particulier zelf asbest verwijderen.
  • Niet in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf gebruikt wordt of bedoeld is voor dat gebruik:
    Is een bijgebouw in gebruik voor bedrijfsmatige activiteiten zoals een schoonheidssalon of een administratiekantoor? Dan is er geen sprake meer van een woonfunctie. In dat geval mag de verwijdering niet particulier plaatsvinden.
  • En de oppervlakte van de te verwijderen platen maximaal 35 m2 per kadastraal perceel bedraagt:
    Een particulier mag maximaal 35m2 per kadastraal perceel verwijderden. Wilt u meer verwijderen dan moet een gecertificeerd bedrijf dit doen.

Voor het zelf veilig verwijderen van asbest bestaat geen blauwdruk. Denk aan uw eigen veiligheid! Niet alleen voor het asbestgevaar. Maar ook omdat u wellicht op hoogte werkt of misschien op een oud dak dat kan instorten. U moet zelf bepalen of u in staat bent het werk uit te voeren.

(bron: infomil)